• Naomi Heidinga

Verbondenheid met God

Naomi Heidinga

Eugène Brussee is diaken en werkzaam als pastor van de Sint Urbanusparochie. Na elf jaar in de Sint Nicolaasparochie in Amsterdam te hebben gewerkt, is hij vier jaar geleden met zijn gezin in Ouderkerk komen wonen.

Als pastor verzorgt hij vieringen in verschillende kerken binnen het Amstellandgebied. Ann Broertjes wil van hem weten: Wat heeft jou er toe gebracht om je te wijden aan een religieus leven?

Waarom zijn jullie verhuisd naar Ouderkerk?

"In Amsterdam woonden we op zo'n half uur fietsen van mijn werk. Omdat ik regelmatig 's avonds werkte, bleef ik vaak over. Een aantal avonden per week zag ik dan mijn kinderen niet. Dat ging me opbreken. Daarom heb ik een verzoek ingediend bij de bisschop voor een werkplek dichterbij huis. Ruim een jaar later ben ik toen gevraagd om in Ouderkerk te gaan werken en wonen. Na het zorgvuldig afwegen van de voor- en nadelen, besloten we het avontuur aan te gaan."

Wat heeft je er toe gebracht je te wijden aan een religieus leven?

"Ik heb altijd een sterke verbondenheid gevoeld met God. Het was me al snel duidelijk dat ik mijn leven wilde wijden aan het geloof, het was alleen zoeken naar de juiste weg. Het geloof heb ik meegekregen van mijn ouders. Mijn moeder is katholiek opgevoed, mijn vader heeft als volwassene voor de kerk gekozen. Als kind ging ik meermaals per week naar de kerk. Op mijn zestiende ben ik uit mezelf de bijbel gaan lezen. In eerste instantie heb ik onderzocht of ik priester wilde worden. Maar ik ben niet iemand voor alleen. Een leven als priester viel daarom af. Wat ik wel zou moeten doen, wist ik niet. Daarom heb ik een beroepskeuzetest gedaan. Naast priester, zou een baan als maatschappelijk werker of journalist bij me passen. Ik heb voor het laatste gekozen. Tijdens mijn studie journalistiek ging het toch weer kriebelen. Ik heb twee jaar in een klooster gewoond en me gewijd aan het kloosterleven. Maar ook dat bleek niet mijn weg. Toen ik Susanne leerde kennen, mijn vrouw, voelde ik: met haar wil ik mijn leven delen. Daarna ben ik opnieuw theologie gaan studeren, maar nu op de universiteit."

In hoeverre verschilt je werk nu met dat in Amsterdam?

"Het werken in Amsterdam was bijzonder. De parochie zit vlakbij de Rosse buurt. Daar heb je onder meer te maken met drugsproblematiek. In Amsterdam heb ik mensen op verschillende manieren kunnen helpen. Samen met andere kerken hebben we bijvoorbeeld een voedselbank opgericht. Dat bestond wel in andere delen van Amsterdam, maar niet in het centrum. Wanneer je zoiets opzet, ontstaan als vanzelf nieuwe initiatieven. Het leven in een dorp is anders. Vreemd was dat me niet, ik ben opgegroeid in een dorp bij Roermond. In mijn huidige functie ben ik meer onderdeel van de gemeenschap. Ik kom de mensen ook buiten de parochie tegen, bijvoorbeeld als vader van mijn kinderen. Als pastor mag ik deel uit maken van belangrijke momenten in iemands leven. Bij de doop, tijdens een huwelijk, of juist aan het einde, bij de dood. Als pastor word je op zo'n moment als vanzelfsprekend toegelaten, zie je mensen op hun meest kwetsbare moment. Het is bijzonder om daar bij te mogen zijn, om dan iets te kunnen betekenen voor een ander."

Steeds minder mensen naar de kerk. Hoe kijk je daar tegenaan?

"Het is moeilijk om jonge mensen te bereiken. Ze vinden weinig leeftijdgenoten in de kerk. Maar je kunt ook niet ineens alles anders doen. Want dat doe je geen recht aan de ouderen die van jongs af aan gewend zijn om naar de kerk te gaan. We proberen in Ouderkerk wel laagdrempelig te zijn, bijvoorbeeld met gezinsdiensten. Ook zijn er initiatieven als een Alpha cursus en geloofsgroepen voor jongeren en jonge gezinnen. Maar het blijft uiteindelijk een keuze van jonge mensen zelf of ze zich echt willen interesseren voor datgene waar het geloof voor staat. Daar moet je ook moeite voor willen doen. En als het om kinderen gaat is natuurlijk ook de rol van de ouders van belang. Wat mij betreft is iedereen welkom."

Wie nodig je uit voor het volgende gesprek?

"Bernadette Stronkhorst. Ze is een gelovige vrouw en leeft vanuit die inspiratie. Ze ziet veel mensen, niet alleen in de slagerij; ze doet ook huisbezoeken vanuit de kerk. Ik wil haar vragen: Wat wens je de Ouderkerkers toe?"