• Oudendijk

Column Truus Oudendijk

Westerbork

We wisten het natuurlijk al, maar de afgelopen weken hebben we het zelf weer ontdekt: Nederland is prachtig. Zo'n twee weken een rondje door eigen provincies is ons heel goed bevallen. Zuid Holland hebben we overgeslagen, het is economisch gezien waarschijnlijk de meest belangrijke, maar in mijn ogen ook de minst aantrekkelijke provincie van ons land. De rest heeft ons verrassende dingen gebracht en we hebben zoveel indrukken opgedaan dat we aan het eind van de eerste week niet eens zomaar op konden noemen wat we aan het begin van die week gedaan hadden. Een bezoek aan voormalig kamp Westerbork, en het bijbehorende museum, in de eerste week van mei zal ik niet snel vergeten. Bijzonder om te zien dat veel ouders er tijdens een vakantie voor kiezen om hun vaak nog jonge kinderen kennis te laten maken met wat er in de jaren 1940-1945 in Nederland is gebeurd. Ik moest wel even wennen aan het feit dat er een speurtocht door het museum werd gehouden. Terwijl ik stil en onder de inruk de verhalen las van Joodse onderduikers – diegene die het overleefd hadden, vonden de periode na de bevrijding nog net zo moeilijk, zo niet moeilijker- en hun foto's en dagboeken bekeek, renden kinderen rond met een formulier in de hand op zoek naar de volgende opdracht. Het voelde wat confronterend.

Maar kennis is 'cool' heb ik onlangs geleerd. En als je kinderen bewust wilt maken van de geschiedenis kun je dat maar beter zo spannend mogelijk brengen. Dan blijft het hangen. Zelf -als kind van ouders die de oorlog nog hebben meegemaakt en opgevoed met verhalen van moeders die op fietsen met houten banden naar Overijssel gingen op zoek naar voedsel: 'Om veilig de andere kant te bereiken ben ik de brug over de IJsel over gekrópen', vertelde mijn schoonmoeder- beschouw ik de bezettingstijd als een nabij verleden en niet als geschiedenis. Het terrein van het voormalige kamp is allang niet meer de troosteloze en eindeloos kale vlakte uit de verhalen van de kampbewoners. Het is verworden tot een mooi natuurgebied, met groene velden en grote monumentale bomen. Een gebied van een bijna serene schoonheid. In zeventig jaar tijd kan de natuur een hoop verbloemen. Een restant van de barakken en de gebogen spoorrails die in het niets eindigt, herinneren alleen nog aan wat er in de vorige eeuw heeft plaatsgevonden: al die transporten naar vernietigingskampen. Het meest beangstigende vind ik de kille efficiency waarmee het gebeurde.